De tijdmachine

SophiaAnupam gluurde langs de zijkant van de muur in het magazijn. Achter een paar grote kasten vol met papier, verf, wol en andere knutselspullen stond een grote tijdmachine. Tandwielen, knopjes, beetje blauw en beetje groen. Van alles en nog wat. Achter hem stonden Kaouthar, Daphne, Lisa, George en Paul ze gluurden langs hem heen. Er werd een beetje getrokken en geduwd om de tijdmachine te zien. Die was in groep 5 voor een project in elkaar gezet door juf Lianne en bleek (tot verbazing van iedereen) zelfs echt te werken!  Dat jaar waren ze in de oertijd gekomen. Dat was goed af gelopen maar de directeur had geen zin in nog zo’n avontuur en verbood iedereen om de tijdmachine te gebruiken. De kinderen wilden hem vorig jaar eigenlijk ook uitproberen maar hun vorige juf deed alsof ze van niks wist. Maar dit jaar deed Juf Sylvia hier anders over. Ze leek geïnteresseerd in de tijdmachine. Maar de kinderen wisten donders goed dat als ze hem toch zouden gebruiken de juf werd ontslagen. Toen ging de bel. De andere kinderen liepen ook naar het magazijn toe. Ze drongen een beetje om een glimp van de tijdmachine op te vangen. De juf drong nog het meeste voor en hield de leerlingen in bedwang. Rustig bleef juf Sylvia wachten tot de klas was gedeisd en zei: “jullie weten hopelijk wat er gebeurt als we door de tijd reizen?” de kinderen knikte ja. Ze ging verder: “ik wil hem natuurlijk ook gebruiken, maar mijn baan wil ik ook niet kwijt!” Het was een tijdje stil en langzaam liepen de kinderen terug de klas in. Ze begrepen de juf natuurlijk, maar hun handen jeukten om het toch te doen. Toen iedereen op zijn plaats zat en het praten eindelijk was gestopt begon de geschiedenisles. Uren lang werd er gepraat over dingen zoals de heksenwaag, hertogen, boeren en nog veel meer middeleeuwse begrippen. Daarna legde de juf de toetsen neer en keek betreurenswaardig naar de ingevulde blaadjes. 15 vieren, 8 zessen, 4  vijf ½  en tot slot een 10. Die was gehaald door Sophia, die groep zes had overgeslagen. Trots pakte ze haar papiertje op en maakte een vreugde dansje.

De volgende dag, toen de kinderen weer bij de tijdmachine aan het gluren waren hakte juf Sylvia de knoop door. Ze nam de leerlingen mee naar de klas en hield een preek: “Ik-wil-mijn-baan-niet-kwijt! ” ze herhaalde de woorden nog eens goed zodat het de kinderen goed door drong. Iedereen was stil maar de juf ging nog verder: “Maar toch heb ik een gruwelijke zin om door de tijd te reizen!” zei ze blij. “maar juf…” zei Jasper aarzelend. “gaan we het dan echt doen?” de juf knikte ja. Alle kinderen sprongen een gat in de lucht. Hadden ze het echt geflikt? Hadden Ze juf Sylvia zo ver gekregen dat ze een groot risico nam? Het risico dat ze haar baan verloor…

In die pauze spraken alle kinderen heftig over het besluit. Maar als er kinderen van andere groepen in de buurt kwamen, veranderden ze snel van onderwerp.  De juf had hen goed duidelijk gemaakt dat de andere groepen NIKS te weten mochten komen. Ze hielden zich netjes aan de afspraak en de pauze verliep goed. Omdat alle kinderen het heel leuk van juf Sylvia vonden dat de ze mochten tijdreizen, deden ze tijdens de les extra goed hun best. Toen de juf haar stem verhief omdat ze iets zeggen wilde, waren de kinderen abrupt stil. Ze zei: “Dit is het plan.” Ze pakte een rode whitebordstift en sloeg de rechter zijde van het digibord om. Toen haalde ze de dop van de stift eraf en vervolgde haar verhaal met: “ Donderdag hebben we een klassenuitje, we gaan midgetgolven!” “ hè?! Maar we zouden toch door de tijd gaan reizen?” vroeg George. “ Dat is precies wat we gaan doen, inderdaad.  Maar zij denken alleen dat we gaan midgetgolven, we doen alsof!” Legde de juf uit terwijl haar glimlach veranderde in een grimas.  “maar toch, als we door de tijd gaan reizen moeten we wel een tijd hebben!!” riep Nilasha door de klas. “Dat klopt” Gaf juf toe en ze pakte de grote koekjestrommel en schudde alle koekjes in de gootsteen. De kinderen keken verontwaardigd de juf aan en daarop antwoordde juf Sylvia: “ Ik koop wel nieuwe koekjes...” Ze ging weer voor de klas staan en schreef verschillende tijden op het bord zoals Egypte, Romeinse tijd, de Middeleeuwen, de Gouden Eeuw en de Tweede Wereld oorlog. De juf haalde diep adem en vertelde: “ Hier staan verschillende geschiedenis periodes op het bord. Zo meteen pakken jullie allemaal een kladbaadje.” De kinderen schoven hun stoel naar achter omdat ze eigenlijk al een potlood en een kladblaadje wilden pakken. De juf hield hun tegen en zei “ho-ho ik ben nog niet klaar! Ik leg dit nog even uit .” “nou ik vervolg! Als we zo meteen een kladblaadje hebben, schrijven we allemaal een lievelings geschiedenis periode op, eentje die hier op het bord staat. Uiteindelijk kom ik al deze blaadjes op halen in deze lege koekjestrommel. En dan turf ik alle stemmen, zo bepalen we makkelijk en eerlijk waar we donderdag naartoe gaan.”

“En dan mogen jullie nu een kladblaadje en een potlood pakken!” zei juf Sylvia. Nadat iedereen zijn keuze had opgeschreven,  haalde de juf alle briefjes op en deed ze in de lege koekjestrommel.  Ze pakte één voor één een briefje uit de trommel, vouwde hem open, las de inhoud en zette een streepje bij de aangegeven geschiedenisperiode. Uiteindelijk stonden de Middeleeuwen en Tweede Wereldoorlog gelijk. 11 om 11 en nog 2 voor de Romeinse tijd en ook nog 2 voor Egypte. De overige tijdperken hadden geen stem gekregen. Tot daaraantoe! Het op een na laatste briefje dat van Hinne was bevatte de tekst de Gouden Eeuw en ook daar kwam een streepje bij. Het laatste briefje, de enige mogelijkheid om de gelijkstand tussen de tweede wereldoorlog en de Middeleeuwen op te heffen. De kinderen trommelde op de tafel en het werd steeds spannender. Toen de juf het papiertje had open gevouwen schraapte ze haar keel en zei: “dit laatste briefje is van jet, en die wou graag naar…” ze draaide zich om en zette het laatste streepje bij de Middeleeuwen. De kinderen sprongen van hun stoel en juichten hard. “whooooo!!!”  een paar kinderen zaten achter hun tafel te mokken, dat was niet het tijdperk wat zij hadden gewild. Maar enkele seconden later ontdekte ze dat het heel bijzonder was dat ze überhaupt naar de Middeleeuwen gingen. Het boze gevoel verdween en het enige wat ze maar konden denken was: YES!